Welke regels van de sociale zekerheid zijn van toepassing op studentenarbeid?

De socialezekerheidsregeling voor werknemers is in principe ook van toepassing op studenten. Dat wil zeggen dat normale sociale werkgevers- en werknemersbijdragen moeten betaald worden bij een tewerkstelling van studenten. 

De werkgever en student ontsnappen echter onder bepaalde voorwaarden aan het betalen van de normale socialezekerheidsbijdragen.

Studentenarbeid: een voordelig RSZ-statuut

Studenten kunnen 475 uren per kalenderjaar worden tewerkgesteld aan een gunstig sociale zekerheidstarief. Men betaalt als werkgever dus niet de gewone, lees duurdere, sociale zekerheidsbijdragen op deze 475 uren maar een verminderde bijdrage, de solidariteitsbijdrage genoemd. Ook de persoonlijke bijdrage van de studenten is lager dan de klassieke sociale zekerheidsbijdragen die worden ingehouden op het loon van andere werknemers. Als werkgever moet men een bijdrage van 5,42 % betalen op het brutoloon en de werknemersbijdrage is gelijk aan 2,71 %.

Een student kan bijgevolg in totaal gedurende 475 arbeidsuren per jaar werken zonder dat de normale socialezekerheidsbijdragen ingehouden moeten worden.

Wat als het studentencontingent van 475 uren overschreden wordt?

Uiteraard is het perfect mogelijk om als werkgever studenten meer dan 475 uren per kalenderjaar aan de slag te laten gaan. De tewerkstelling vanaf de 476ste uur zal evenwel onderworpen zijn aan de gewone sociale zekerheidsbijdragen. De RSZ heeft echter beslist dat de eerste 475 uren van tewerkstelling onderworpen blijven aan de solidariteitsbijdragen, zelfs al werkt de student meer dan 475 uren op een kalenderjaar. Voorwaarde is wel dat er een correcte DMFA-aangifte wordt gedaan, m.a.w. de tewerkstelling vanaf de 476ste uur moet worden onderworpen aan de gewone sociale zekerheidsbijdragen en ook op die manier in de DMFA worden aangegeven.